Download Free PDF- Traveldictionaries

- usable on android, iphone, smartphone, pc, apple, linux, tablet, usb ...

DUITS
ENGELS
FRANS
ITALIAANS
SPAANS
ZWEEDS
PORTUGEES
THESAURUS
hijgen [v]
- puffen
ploeteren [v]
- sappelen
- slaven
- sloven
WERKWOORD
Tegenwoordig en verleden deelwoord
- zwoegend
- gezwoegd
Presens
- zwoeg
- zwoegt
- zwoegt
- zwoegen
- zwoegen
- zwoegen
Imperfect
- zwoegde
- zwoegde
- zwoegde
- zwoegden
- zwoegden
- zwoegden
Toekomende tijd I
- zal zwoegen
- zult zwoegen
- zal zwoegen
- zullen zwoegen
- zullen zwoegen
- zullen zwoegen
Conditionalis I
- zou zwoegen
- zou zwoegen
- zou zwoegen
- zouden zwoegen
- zouden zwoegen
- zouden zwoegen
Perfectum
- heb gezwoegd
- hebt gezwoegd
- heeft gezwoegd
- hebben gezwoegd
- hebben gezwoegd
- hebben gezwoegd
Voltooid verleden tijd
- had gezwoegd
- had gezwoegd
- had gezwoegd
- hadden gezwoegd
- hadden gezwoegd
- hadden gezwoegd
Toekomende tijd II
- zal gezwoegd hebben
- zult gezwoegd hebben
- zal gezwoegd hebben
- zullen gezwoegd hebben
- zullen gezwoegd hebben
- zullen gezwoegd hebben
Conditionalis II
- zou hebben gezwoegd
- zou hebben gezwoegd
- zou hebben gezwoegd
- zouden hebben gezwoegd
- zouden hebben gezwoegd
- zouden hebben gezwoegd
Imperatief
- -
- zwoeg
- -
- -
- zwoegt
- -
Impressum          Home           Multilingual Databases             PDF-Dictionaries