Download Free PDF- Traveldictionaries

- usable on android, iphone, smartphone, pc, apple, linux, tablet, usb ...

DUITS
transport [v]
- transportieren
mensen [v]
- befördern
- transportieren
ENGELS
transport [v]
- transport
- haul
- cart [informal]
mensen [v]
- convey [formal]
- transport
FRANS
transport [v]
- transporter
mensen [v]
- transporter
ITALIAANS
transport [v]
- trasportare
mensen [v]
- condurre
- trasportare
SPAANS
transport [v]
- acarrear
- transportar
mensen [v]
- transportar
- llevar
ZWEEDS
transport [v]
- transportera
- frakta
mensen [v]
- föra
- befordra
- transportera
PORTUGEES
transport [v]
- transportar
- levar
mensen [v]
- conduzir
- transportar
- levar
THESAURUS
brengen [v]
- begeleiden
rijden [v]
transporteren [v]
- overbrengen
- verplaatsen
meeslepen [v]
- boeien
- fascineren
WERKWOORD
Tegenwoordig en verleden deelwoord
- vervoerend
- vervoerd
Presens
- vervoer
- vervoert
- vervoert
- vervoeren
- vervoeren
- vervoeren
Imperfect
- vervoerde
- vervoerde
- vervoerde
- vervoerden
- vervoerden
- vervoerden
Toekomende tijd I
- zal vervoeren
- zult vervoeren
- zal vervoeren
- zullen vervoeren
- zullen vervoeren
- zullen vervoeren
Conditionalis I
- zou vervoeren
- zou vervoeren
- zou vervoeren
- zouden vervoeren
- zouden vervoeren
- zouden vervoeren
Perfectum
- heb vervoerd
- hebt vervoerd
- heeft vervoerd
- hebben vervoerd
- hebben vervoerd
- hebben vervoerd
Voltooid verleden tijd
- had vervoerd
- had vervoerd
- had vervoerd
- hadden vervoerd
- hadden vervoerd
- hadden vervoerd
Toekomende tijd II
- zal vervoerd hebben
- zult vervoerd hebben
- zal vervoerd hebben
- zullen vervoerd hebben
- zullen vervoerd hebben
- zullen vervoerd hebben
Conditionalis II
- zou hebben vervoerd
- zou hebben vervoerd
- zou hebben vervoerd
- zouden hebben vervoerd
- zouden hebben vervoerd
- zouden hebben vervoerd
Imperatief
- -
- vervoer
- -
- -
- vervoert
- -
Impressum          Home           Multilingual Databases             PDF-Dictionaries