Download Free PDF- Traveldictionaries

- usable on android, iphone, smartphone, pc, apple, linux, tablet, usb ...

DUITS
richting [v]
- zeigen
- anzeigen
voorwerpen [v]
- angeben
- aufzeigen
ENGELS
richting [v]
- indicate
- point to
- show
voorwerpen [v]
- designate
- indicate
FRANS
richting [v]
- indiquer
- montrer
voorwerpen [v]
- désigner
- montrer
ITALIAANS
richting [v]
- indicare
- additare
- mostrare
voorwerpen [v]
- segnare
- indicare
SPAANS
richting [v]
- indicar
- mostrar
voorwerpen [v]
- designar
- indicar
ZWEEDS
richting [v]
- visa
- peka på
voorwerpen [v]
- ange
- utvisa
PORTUGEES
richting [v]
- indicar
- apontar
- mostrar
voorwerpen [v]
- designar
- indicar
THESAURUS
aanduiden [v]
- aangeven
- tonen
- uitduiden
- wijzen
WERKWOORD
Tegenwoordig en verleden deelwoord
- aanwijzend
- aangewezen
Presens
- wijs aan
- wijst aan
- wijst aan
- wijzen aan
- wijzen aan
- wijzen aan
Imperfect
- wees aan
- wees aan
- wees aan
- wezen aan
- wezen aan
- wezen aan
Toekomende tijd I
- zal aanwijzen
- zult aanwijzen
- zal aanwijzen
- zullen aanwijzen
- zullen aanwijzen
- zullen aanwijzen
Conditionalis I
- zou aanwijzen
- zou aanwijzen
- zou aanwijzen
- zouden aanwijzen
- zouden aanwijzen
- zouden aanwijzen
Perfectum
- heb aangewezen
- hebt aangewezen
- heeft aangewezen
- hebben aangewezen
- hebben aangewezen
- hebben aangewezen
Voltooid verleden tijd
- had aangewezen
- had aangewezen
- had aangewezen
- hadden aangewezen
- hadden aangewezen
- hadden aangewezen
Toekomende tijd II
- zal aangewezen hebben
- zult aangewezen hebben
- zal aangewezen hebben
- zullen aangewezen hebben
- zullen aangewezen hebben
- zullen aangewezen hebben
Conditionalis II
- zou hebben aangewezen
- zou hebben aangewezen
- zou hebben aangewezen
- zouden hebben aangewezen
- zouden hebben aangewezen
- zouden hebben aangewezen
Imperatief
- -
- wijs aan
- -
- -
- wijst aan
- -
Impressum          Home           Multilingual Databases             PDF-Dictionaries