Download Free PDF- Traveldictionaries

- usable on android, iphone, smartphone, pc, apple, linux, tablet, usb ...

DUITS
licht [v]
- ausstrahlen
televisie [v]
- senden
- übertragen
ENGELS
licht [v]
- emanate
- emit
televisie [v]
- broadcast
- telecast
FRANS
licht [v]
- émaner
- émettre
televisie [v]
- émettre
- transmettre
- diffuser
ITALIAANS
licht [v]
- emanare
- emettere
televisie [v]
- trasmettere
SPAANS
licht [v]
- emanar
- emitir
televisie [v]
- transmitir
- televisar
ZWEEDS
licht [v]
- utstråla
televisie [v]
- sända
- sända i TV
PORTUGEES
licht [v]
- emanar
- emitir
televisie [v]
- transmitir
- televisionar
THESAURUS
presenteren [v]
- vertonen
zenden [v]
- doorseinen
- overseinen
WERKWOORD
Tegenwoordig en verleden deelwoord
- uitzendend
- uitgezonden
Presens
- zend uit
- zendt uit
- zendt uit
- zenden uit
- zenden uit
- zenden uit
Imperfect
- zond uit
- zond uit
- zond uit
- zonden uit
- zonden uit
- zonden uit
Toekomende tijd I
- zal uitzenden
- zult uitzenden
- zal uitzenden
- zullen uitzenden
- zullen uitzenden
- zullen uitzenden
Conditionalis I
- zou uitzenden
- zou uitzenden
- zou uitzenden
- zouden uitzenden
- zouden uitzenden
- zouden uitzenden
Perfectum
- heb uitgezonden
- hebt uitgezonden
- heeft uitgezonden
- hebben uitgezonden
- hebben uitgezonden
- hebben uitgezonden
Voltooid verleden tijd
- had uitgezonden
- had uitgezonden
- had uitgezonden
- hadden uitgezonden
- hadden uitgezonden
- hadden uitgezonden
Toekomende tijd II
- zal uitgezonden hebben
- zult uitgezonden hebben
- zal uitgezonden hebben
- zullen uitgezonden hebben
- zullen uitgezonden hebben
- zullen uitgezonden hebben
Conditionalis II
- zou hebben uitgezonden
- zou hebben uitgezonden
- zou hebben uitgezonden
- zouden hebben uitgezonden
- zouden hebben uitgezonden
- zouden hebben uitgezonden
Imperatief
- -
- zend uit
- -
- -
- zendt uit
- -
Impressum          Home           Multilingual Databases             PDF-Dictionaries