Download Free PDF- Traveldictionaries

- usable on android, iphone, smartphone, pc, apple, linux, tablet, usb ...

DUITS
vloer [v]
- wachsen
- wichsen
ENGELS
vloer [v]
- wax
FRANS
vloer [v]
- cirer
- encaustiquer
ITALIAANS
vloer [v]
- dare la cera a
SPAANS
vloer [v]
- encerar
ZWEEDS
vloer [v]
- bona
PORTUGEES
vloer [v]
- encerar
THESAURUS
oppoetsen [v]
- poetsen
- wrijven
schoonmaken [v]
- schrobben
WERKWOORD
Tegenwoordig en verleden deelwoord
- boenend
- geboend
Presens
- boen
- boent
- boent
- boenen
- boenen
- boenen
Imperfect
- boende
- boende
- boende
- boenden
- boenden
- boenden
Toekomende tijd I
- zal boenen
- zult boenen
- zal boenen
- zullen boenen
- zullen boenen
- zullen boenen
Conditionalis I
- zou boenen
- zou boenen
- zou boenen
- zouden boenen
- zouden boenen
- zouden boenen
Perfectum
- heb geboend
- hebt geboend
- heeft geboend
- hebben geboend
- hebben geboend
- hebben geboend
Voltooid verleden tijd
- had geboend
- had geboend
- had geboend
- hadden geboend
- hadden geboend
- hadden geboend
Toekomende tijd II
- zal geboend hebben
- zult geboend hebben
- zal geboend hebben
- zullen geboend hebben
- zullen geboend hebben
- zullen geboend hebben
Conditionalis II
- zou hebben geboend
- zou hebben geboend
- zou hebben geboend
- zouden hebben geboend
- zouden hebben geboend
- zouden hebben geboend
Imperatief
- -
- boen
- -
- -
- boent
- -
Impressum          Home           Multilingual Databases             PDF-Dictionaries