Download Free PDF- Traveldictionaries

- usable on android, iphone, smartphone, pc, apple, linux, tablet, usb ...

DUITS
ligging [v]
- legen
- errichten
ENGELS
ligging [v]
- site
- locate
- situate [formal]
FRANS
ligging [v]
- placer
- situer
ITALIAANS
ligging [v]
- situare
- collocare
SPAANS
ligging [v]
- situar
ZWEEDS
ligging [v]
- placera
- lokalisera
PORTUGEES
ligging [v]
- situar
- colocar
- implantar
THESAURUS
plaatsen [v]
- zetten
- zich afspelen
WERKWOORD
Tegenwoordig en verleden deelwoord
- situerend
- gesitueerd
Presens
- situeer
- situeert
- situeert
- situeren
- situeren
- situeren
Imperfect
- situeerde
- situeerde
- situeerde
- situeerden
- situeerden
- situeerden
Toekomende tijd I
- zal situeren
- zult situeren
- zal situeren
- zullen situeren
- zullen situeren
- zullen situeren
Conditionalis I
- zou situeren
- zou situeren
- zou situeren
- zouden situeren
- zouden situeren
- zouden situeren
Perfectum
- heb gesitueerd
- hebt gesitueerd
- heeft gesitueerd
- hebben gesitueerd
- hebben gesitueerd
- hebben gesitueerd
Voltooid verleden tijd
- had gesitueerd
- had gesitueerd
- had gesitueerd
- hadden gesitueerd
- hadden gesitueerd
- hadden gesitueerd
Toekomende tijd II
- zal gesitueerd hebben
- zult gesitueerd hebben
- zal gesitueerd hebben
- zullen gesitueerd hebben
- zullen gesitueerd hebben
- zullen gesitueerd hebben
Conditionalis II
- zou hebben gesitueerd
- zou hebben gesitueerd
- zou hebben gesitueerd
- zouden hebben gesitueerd
- zouden hebben gesitueerd
- zouden hebben gesitueerd
Imperatief
- -
- situeer
- -
- -
- situeert
- -
Impressum          Home           Multilingual Databases             PDF-Dictionaries